|
|
blootje. We houden daarom de sfeer tijdens een auditie zo
ontspannen mo-gelijk. Toch krijg je de spanning bij een
zanger nooit helemaal weg. Dat hoeft ook niet, ik kan
gemakkelijk door de zenuwen heen horen welke mogelijkhe-den
een stem heeft. Ik denk dat dat voor de meeste dirigenten
wel geldt. Ge-spannenheid is dus in het echt niet zo’n
probleem, al blijft het wel vervelend voor degene die auditeert.’ ‘De drive om het beste van jezelf te laten zien
is nu eenmaal heel sterk’, vult zangpedadoge Wilma
Franchimon aan. Zij is re-gelmatig bij de stemtesten van
Toonkunstkoor Gouda betrokken.
Riedeltjes
De stemtest voor Toonkunstkoor Gouda heeft een vaste opbouw:
riedeltjes nazingen om de eerste spanning kwijt te raken,
een stukje bekend repertoire zingen, van blad lezen en aan
het eind wat solfège-opdrachten, bijvoor-beeld de middelste
toon van een drieklank reproduceren. Voor wie de moed meteen
in de schoenen zinkt; het gaat er niet om dat een zanger
alles vlek-keloos uitvoert. Wilma Franchimon: ‘Dat je zelf
doorhebt wanneer je de mist in gaat, is minstens zo
belangrijk. We letten bij de loopjes vooral op timbre,
stemtype en basistechnieken als legato zingen. Bij het
repertoiredeel gaat het meer om intonatie, zuiverheid en of
de stem stroomt. We zitten heus niet te wachten op de kans
om iemand te betrappen op een fout. En iemand die helemaal
van de kaart is, kun je altijd nog een tweede keer
uitnodigen.’
Hoge adem
Deze relativeringen zijn al geruststellend, maar hebben
beide deskundigen ook tips om auditiestress te verminderen
of - liever nog - te voorkomen? Jazeker. De sleutelwoorden
zijn: ademen, staan en focussen. Alles begint met goed staan
en een goede ademsteun. Die basistechniek moet je je als
zanger eigen maken. Maar ook dan kan het bij een auditie nog
wel mis gaan; berucht is de hoge adem. Hoge adem kun je
omlaag krijgen door het midden-rif te activeren. Spreek de
gezongen tekst uit en ga daarbij op de medeklin-kers zitten.
Beide voeten vast in de grond planten - ‘bij wijze van
spreken tot in Nieuw-Zeeland’ - is ook altijd goed. Leo
Rijkaart: ‘Je moet vooral bij jezelf blijven en de focus
niet bij de luisteraars leggen.’ Wilma Franchimon: ‘Ik laat
mensen soms toezingen naar een stip op een spiegel. Dan zie
je jezelf, maar je wordt ook gedwongen om je te richten op
één punt. Dat geeft rich-ting aan de concentratie. En als
iemand vast zit, ga ik wel eens aan hem of haar sjorren.
Daarbij laat ik ze voluit zingen en dat haalt de focus op de
buitenstaanders weg.’ Het is voornamelijk de angst voor
afwijzing die aan auditiestress ten grondslag ligt. Leo
Rijkaart: ‘Het is hoe dan ook goed om jezelf steeds voor te
houden dat je bij een stemtest niet op je persoon wordt
afgewezen. Ook al voelt dat vaak wel zo.’
‘Het was een ramp’
Een koorzanger: ‘Ik moest bij een auditie een stukje van
blad zingen. Ik ben een goede ‘van-blad-lezer’, maar ik
maakte achtsten van kwarten en kon een logische tertssprong
niet eens meer vinden. En toen ik een toonladder moest
zingen, zat er niks meer op m’n stem en kon ik alleen maar
piepen. Het was niet gewoon een slechte auditie, het was een
ramp. Op het moment dat ik moet bewijzen wat ik kan, klap ik
dicht. Alleen zingen is al erg, maar voor een commissie is
het helemaal vreselijk. Ik heb nooit zangles gehad, dus ik
ben altijd bang dat mijn techniek niet goed genoeg is. Op
dit moment heb ik geen vast koor. Voor de koren waar ik bij
zou willen, moet je auditie doen en koren waar dat niet
hoeft, vind ik weer niet interessant. Ik zing wel al jaren
in een projectkoor, maar dat is bij de gratie dat daar
vroeger geen audities waren.’
‘Mijn oren laten me in de steek’
Een koorzanger: ‘Auditeren is heel frustrerend. Ik kan
nooit laten horen wat ik werkelijk kan. Mijn oren laten me
domweg in de steek, vooral bij het nazin-gen van een loopje
of als ik een ritme moet natikken. Technisch gezien niet
moeilijk, maar ik hoor vaak de opdracht niet eens, zo
ingespannen ben ik bezig om die te onthouden. Die spanning
slaat direct op mijn stem en mijn techniek is ook meteen
weg. Zingen gaat me beter af, want dan gaat het om een stuk
dat ik heb voorbereid. Ik heb nu zangles. Door de lessen sta
ik be-ter en weet ik hoe ik de ergste paniek de baas kan
blijven. Ik doe ook mee aan leerlingpresentaties. Het heeft
dus niet te maken met podiumangst. Op-treden is heerlijk, dat
was voor mij een van de redenen om bij een koor te gaan. Het
probleem bij een auditie is dat ik er in mijn eentje sta.’
‘Ik moet het allemaal loslaten’
Een koorzanger: ‘Ik heb laatst auditie gedaan voor een
projectkoor. De dirigent had van tevoren gezegd dat ik me
vooral niet te druk moest maken, het ging hem vooral om mijn
stemsoort en klank. Maar omdat ik zo graag bij dat ensemble
wilde, vond ik het toch erg spannend. Ik moest twee stukken
voorbereiden. Eerst kon ik niet kiezen. Net of je in een
kookboek een heerlijk recept zoekt. De verleiding is groot
een ingewikkeld recept te nemen. Uitein-delijk koos ik voor
iets eenvoudigs: de altpartij van Die Nachtigall van Felix
Mendelssohn. Mijn tweede keus was een Napolitaans lied van
Francesco Tosti: Vorrei. Bij het inzingen thuis zong ik me
helemaal vast. Ik dacht nog: ik denk nu wel dat ik goed kan
zingen, maar dat is gewoon mijn ego. Ik ben toen op de fiets
gestapt met een houding van ‘val ik door de mand, dan val ik
maar door de mand. Ik moet het allemaal loslaten. 'Zo heb ik
die innerlijke discussie kunnen stoppen. De auditie ging als
een trein. Het klonk precies zoals ik wilde en ik ben ook
aangenomen.’
Meer lezen
Podiumangst - Pim Wippoo en Liesbeth Citroen, Uitgeverij
Boom, 1998
Omschrijving van het fenomeen en tips voor oplossingen.
Bron: Zing Magazine |
|